Implantologie

Wat is een implantaat?

Een implantaat kunt u het beste vergelijken met een kunstwortel. Een implantaat vervangt een afwezige tandwortel en wordt als een schroef in de kaak geplaatst. Implantaten worden gemaakt van een lichaamsvriendelijk materiaal zoals titanium.
 

 Een wortel met een kies                                                       Een implantaat met kroon


Een implantaat kan worden geplaatst om één, meerdere of zelfs alle tanden en kiezen te vervangen.  Het implantaat kan dus houvast bieden voor een kroon, brug of een overkappingsprothese.

Wanneer is een behandeling met implantaten mogelijk?

In principe kan bij iedereen met volgroeid kaakbot (vanaf ca. 20-25 jaar, afhankelijk van het geslacht en de locatie) een implantaat worden geplaatst. Voor een succesvolle behandeling moet u wel aan enkele voorwaarden voldoen:

  • Er moet voldoende kaakbot aanwezig zijn voor de verankering van het implantaat.
  • Het kaakbot moet gezond zijn.
  • Het tandvlees van de resterende tanden moet gezond zijn. Is dat niet het geval dan moet dit eerst behandeld worden.
  • U moet bereid zijn de aangebrachte voorzieningen goed te onderhouden. 

De tandarts(-implantoloog) of de kaakchirurg beoordeelt aan de hand van röntgenfoto’s of u voldoende kaakbot heeft en of het gezond is. De gezondheid van uw tandvlees wordt gecontroleerd door de ruimtes tussen uw tand en tandvlees te sonderen. In sommige gevallen is het mogelijk nieuw kaakbot te laten ontstaan op plaatsen waar te weinig kaakbot is.

Hoe verloopt de behandeling?

Implantaten worden door een tandarts(-implantoloog) of een kaakchirurg geplaatst. Eerst krijgt u een plaatselijke verdoving. Daarna wordt het tandvlees op de plek waar het implantaat moet komen losgemaakt, zodat het kaakbot zichtbaar wordt. Dan wordt er een gaatje  in het kaakbot geboord, waarin het implantaat wordt geschroefd. Er zijn twee manieren van plaatsen. Het implantaat kan na de plaatsing zichtbaar zijn in de mond (het implantaat steekt door het tandvlees heen) of het implantaat wordt onder het tandvlees opgesloten. Als u meer dan één implantaat nodig heeft, worden deze vrijwel altijd tijdens dezelfde behandeling geplaatst.

Na het plaatsen en de kans van slagen

Goed onderzoek vooraf maakt de kans op complicaties of mislukkingen minimaal. Toch kan er direct na het plaatsen van een implantaat tijdelijk ongemak zijn in de vorm van pijn of zwelling. Daarvoor krijgt u zonnodig een pijnstiller voorgeschreven. Vaak is het verstandig gedurende één of twee weken na het plaatsen van een implantaat uw voeding aan te passen. Doe dit in overleg met uw tandarts-implantoloog of de kaakchirurg.
Twee tot drie maanden na het plaatsen is het implantaat stevig in het bot vastgegroeid. U mag het implantaat in deze tussenliggende periode niet overmatig belasten. Eventueel waarborgt een tijdelijk geplaatste voorziening de kauwfunctie en de esthetiek zoveel mogelijk. Nadat één of meer implantaten in het kaakbot zijn verankerd, plaatst de tandarts hierop een kroon, brug of een prothese.

Het komt een enkele keer  voor  dat een implantaat niet vastgroeit en moet worden verwijderd. Het succespercentage van implantaten bij niet-rokers hoger dan bij rokers. Ook is de kans op verlies van een implantaat groter bij overmatig alcoholgebruik, diabetes en een reeds bestaande tandvleesontsteking (parodontitis).

Mondhygiëne bij implantaten

Voor behoud van het behandelresultaat is een goede mondhygiëne van groot belang. Dit dient dan ook regelmatig te worden gecontroleerd en indien nodig bijgestuurd. Het is erg belangrijk dat u de overgang van het implantaat naar het tandvlees goed schoonmaakt. Hier ontwikkelt zich, gedurende de dag, plaque waarin zich mondbacteriën bevinden. Indien deze plaque niet goed wordt verwijderd, kan dit een ontsteking van het tandvlees rondom het implantaat veroorzaken. Het gevolg is bloedend tandvlees, botverlies en uiteindelijk verlies van het implantaat. Om deze plaque goed te verwijderen zijn het gebruik van een (elektrische) tandenborstel, (super)flossdraad en/of ragers essentieel.

Tijdens de halfjaarlijkse controles, worden de implantaten door uw tandarts gecontroleerd. Daarbij wordt gekeken naar de mondhygiëne, het tandvlees en de kroon, brug of prothese op het implantaat. Soms worden er tijdens de halfjaarlijkse controle röntgenfoto’s gemaakt om het bot rondom de implantaten te controleren.

Voor een optimaal onderhoud wordt aangeraden om tenminste éénmaal per jaar een afspraak te maken bij de mondhygiënist.

Bron: Ivoren Kruis

Websiteinstellingen
Verberg
Verberg
Verberg
Verberg
Verberg
Verberg